De Recherche

Artikelindex

 

 

Oktober 1930

Van de WielDuvigneau

Het tweeploegenstelsel bleef gehandhaafd maar in oktober 1930 werden met de leiding daarvan belast G.v.d.Wiel (De Tijger) en W. Duvigneau,(r) terwijl Van den Broek en Baken belast werden met speciale recherchediensten.

 

Op 26 juni 1942 werd de recherche gesplitst in twee afdelingen:

  1. voor onderzoeken grote misdrijven
  2. voor diefstallen en verduisteringen van rijwielen en onderdelen, beledigingen, ongevallen bij verkeer, spoorwegen, vliegwezen en bedrijfsongevallen, alsmede bos-, heide- en autobranden.

Bij de reorganisatie van de politie in maart 1943 werd de recherche een geheel zelfstandige afdeling onder de naam Recherche Hoofdafdeling.

organogram-recherche

recherche-leiding-1943-2

Enkele leden van de recherchestaf op 3 mei 1943.

Vlnr: Van den Heuvel - Vrenssen - Commissaris Hess - Van de Wiel en Pijls.

Deze Recherche Hoofdafdeling behandelde niet alleen de recherchezaken in Eindhoven maar hield toezicht in het gehele gewest, dat o.m. ook Zuid-Limburg omvatte. De recherchecentrale kon echter ook zelf opsporingswerk in het gewest uitvoeren.
We hebben al gezien dat CvP. Hess op 1 maart 1943 te Eindhoven in dienst trad als commissaris van de recherche hoofdafdeling.

pannenhuis
Tot 13 maart 1944 was de Recherche Hoofdafdeling gevestigd aan het hoofdbureau maar verhuisde op die datum naar "Het Pannenhuis" aan de Stratumsedijk (boven), een villa die stond op de plaats waar later jarenlang de bloemist Floris de Moel was gevestigd naast het gebouw van de Stadsbank.(volgens de beschrijving van Hip.Matla in zijn boek)

Het huis werd volledig verwoest op 19 september 1944 waardoor het complete recherchearchief van de politie verloren ging. Foto's, dossiers, cartotheek, dactyloscopie, verslagen etc.
Men kon helemaal opnieuw beginnen en was alle belangrijke documentatie uit het verleden kwijt.

Bij de vestiging in "Het Pannenhuis" bestond de afdeling uit

1 commissaris,
3 hoofdinspecteurs,
1 inspectrice Ie klasse (juffrouw MT.Wiersma, later overgestapt naar de kinderpolitie te Rotterdam),
1 inspecteur 1e klasse,
1 inspecteur 2e klasse,
1 onderinspecteur,
13 hoofdrechercheurs,
24 rechercheurs Ie klasse,
3 rechercheurs 2e klasse
12 arbeidscontractanten.

Behalve de Zedenpolitie behoorden ook de Kinderpolitie, de Vreemdelingendienst en de Technische Dienst tot de Recherche Hoofdafdeling.
De dag na de ingebruikneming van "Het Pannenhuis" overleed plotseling de onderinspecteur Hersmis, Chef van de Afdeling Zedenpolitie.
Zijn opvolger per 1 april 1944 was de onderluitenant Houtkamp, die in juli 1944 door de S.D. werd gearresteerd, omdat hij eigenmachtig een ‘zoengeld’ had opgelegd en dit in zijn eigen zak had laten verdwijnen.

Tot 19 september 1944 heeft "Het Pannenhuis" aan de Recherche Hoofdafdeling onderdak verschaft. Op die datum werd het door of tengevolge van het Duitse bombardement totaal verwoest.
Onmiddellijk na de bevrijding werd er weer een recherche in het leven geroepen.

In de periode van 19 september 1944 tot 1 januari 1945 werden door de recherche de volgende processen-verbaal opgemaakt:

1 terz. 177 Str.,
1 terz. 247 Str.,
1 terz. 251bis Str.
2 terz. 300 Str.
2 terz. 307 Str.
2 terz. 308 Str.
28 terz. 310 Str.
2 terz. 321 Str.
3 terz. 326 Str.
1 terz. 350 Str.
5 terz. 416 Str.
1 terz, 448 Str.
1 terz. overtreding van de Wet op de Kerkgenootschappen.

Verder werden er 2 processen-verbaal opgemaakt betreffende gewelddadige dood. De meeste rechercheurs van de Recherche Hoofdafdeling waren na de bevrijding ingedeeld voor kortere of langere tijd bij de P.(olitieke)R.(recherche) A(afdeling).

DE VRIJE DIENST 

De vrije dienst, de voorloper van de criminile inlichtingen dienst, begon haar waarde te bewijzen doordat er door hun inzet grote zaken werden opgelost zoals een grote bontdiefstal door Amerikaanse militairen, die voor fl. 300.000,-- aan bont hadden gestolen op de Amerikaanse basis Ramstein in Duitsland. In die tijd werden enkele rechercheurs vrijgemaakt om zich in het criminele milieu te begeven. Ze brachten hun tijd dan ook voornamelijk door in de kroegen en op plaatsen waar criminelen zich ophielden.

Die periode is totaal niet te vergelijken met zoals dat zich later ontwikkelde. Er was nauwelijks of geen controle op de manier waarop zij hun werk uitvoerden zodat de kans op afglijden heel erg groot was.
Iedereen die vele jaren later de zgn. IRT-affaire heeft gevolgd, zal duidelijk zijn welke risico's deze mensen toen liepen.

  

         gerrit van middelkoop  nol boeijen joop harthoorn  wim van den hoogen  ben bontjer

 De pioniers van deze dienst waren vlnr: Gerrit van Middelkoop, Nol Boeijen en Joop Harthoorn en later Wim van den Hoogen en Ben Bontjer,

Links Wim van den Hoogen en op de achtergrond Nol Boeijen.

TAPKAMER

tapkamer

Fons van Vlerken (l) en Frans Krüter.

Onderdeel van sommige rechercheonderzoeken is het afluisteren (tappen) van telefoons. Dit onder strikte voorwaarden.
Het mag duidelijk zijn dat dit, vaak dagen achtereen uitluisteren van telefoongesprekken en die ook nog op papier zetten, voor de nodige stress zorgt.
Eind tachtiger jaren zorgden deze twee medewerkers voor wat afleiding in de "tapkamer"